Toen in 2010 champagne werd getoost op de terugkeer van het ‘Liggend naakt’ van Charlotte van Pallandt realiseerde ik me dat het dorp Den Ham toch erg trots moet zijn op dit beeld van Nederlands bekendste beeldhouwster uit de vorige eeuw.
Maar niet alleen op dit beeld. Den Ham is de afgelopen decennia verrijkt met meerdere mooie kunstwerken in de openbare ruimte. Veelal kunstwerken die gemaakt zijn door gerenommeerde kunstenaars. Met deze Beeldenroute Den Ham neem ik u mee langs zestien beelden die eigenlijk op korte afstand van elkaar zijn te bekijken. Voor de eerste drie kunstwerken moet u in het Middendorpshuis zijn. Dat kan tijdens de openingstijden. Wellicht kunt u dan ook nog een lopende expositie van de St. Expositiehuis Den Ham bezoeken.
U leest hierna informatie over alle 16 beelden en hun kunstenaars.
Deze beeldenroute kan gelopen worden volgens de nummering; te beginnen bij Grotestraat 4 en vervolgens Grotestraat 32, Toren, t.o. Brinkstraat 1, hoek Brinkstraat-Dorpsstraat, kinderspeelplaats De Vloedgraven, Zomerweg 2, rotonde Daarleseweg, Broekmaten 4 en Brink 5.
Ik wens u veel kunstkijkplezier.
Jan van der Kolk
In 1953 vroeg de Provincie Gelderland haar om een portret te maken van koningin Juliana. Middels foto’s maakte ze een redelijk gelijkende buste. Maar toen ze later werd uitgenodigd om bij de koningin te komen theedrinken, vond ze dat Juliana er heel anders uitzag: “Veel mooier, veel interessanter dan al die staatsiefoto’s. Ze maakte een geweldige indruk op me. Ik ben direct naar huis gereden en heb het echte portret gemaakt. In een half uur tijd! Geen wapperende haren, geen kroon, het haar in een netje en die gevoelige, kwetsbare uitdrukking van ‘Wie ben ik dat ik dit mag doen?’ Zo menselijk. Dat werd het goede portret.” Deze beeltenis is het begin van een reeks meesterlijke portretten.
De vm. gemeente Den Ham kocht in 1972 deze kopie voor de raadszaal.
Dit polyester wandplastiek van Janny Brugman – de Vries werd in 1976 ter verfraaiing van de trouwzaal in het vm. Hammer gemeentehuis opgehangen. Het is een gestileerde weergave van een trouwdag en symboliseert het huwelijk met een duif op een nest eieren. Sinds de sluiting van het gemeentehuis in 2007 werd dit plastiek in het Middendorpshuis opgehangen.
(Hier ligt ook een door Hammer vrouwen geknoopt vloerkleed met gemeentewapen ontworpen door Janny Brugman – de Vries.)
Deze glasplastieken werden in 1976 ter verfraaiing van de raadszaal opgehangen. Na sluiting van het Hammer gemeentehuis verhuisden deze plastieken in 2007 naar het Middendorpshuis.
Ter ere van het 25-jarig ambtsjubileum van koningin Beatrix schonk zij in 2005 haar eigen bronzen plaquette ‘Drie vorstinnen van Oranje’ aan de Oudheidkundige Vereniging Den Ham - Vroomshoop. Zo nam ze stilletjes wraak op het Almelose gemeentebestuur, dat het origineel op een onopvallende plek in het stadhuis hing en daarna in depot kwam: “Zo krijgt het eindelijk de plaats die het verdient”. Ze maakte de plaquette met Beatrix, Juliana en Wilhelmina in de jaren ‘70 ter ere van de opening van het nieuwe Almelose stadhuis. Zij had veel waardering en bewondering voor deze drie sterke vrouwen. Een hele middag lang poseerde prinses Beatrix voor haar op kasteel Drakensteyn. Natuurlijk spraken ze samen veel over beeldhouwkunst. Toen het reliëf van prinses Beatrix af was, kwam ze op het idee om de drie vrouwen van Oranje te boetseren. Nadat ze in maart overleed, verrichtte dochter Saskia Thomassen - Brugman op 29 april 2006 de officiële onthulling.
In 2003 onthulde zij opnieuw haar kunstwerk 'Ode aan de degelijke huisvrouw': “Deze plek is de meest wenselijke. Hier in de Kruidentuin kun je even tot rust komen van alledaagse beslommeringen. Ik ben heel tevreden zoals het kunstwerk hier nu staat. Alle lof voor de mensen die zich hiervoor hebben ingezet en hier hun zweetdruppels voor hebben laten vallen, want het is natuurlijk niet niets om met elkaar die zware stukken steen op de juiste plaats te krijgen. Dat is bijzonder goed gelukt! Het is mooi schoon gemaakt. Ik ben er zeer tevreden over.” Zij maakte in 1956 dit kunstwerk voor de Chr. Nijverheidsschool voor meisjes Prinses Beatrix in Vroomshoop. Na sluiting van de school lag het jarenlang op de gemeentewerf. Spreuken 31 vers 10-31 van dichter Salomo inspireerde haar, ‘Een deugdzame vrouw is de kroon van haar man’: “Beschreven wordt hoe zij met haar dienstmaagden omgaat. Ook de dienstmaagden worden weer opgeleid om later een ijverige en nuttige vrouw in het gezin en in haar omgeving te zijn. Ze houdt zelfs haar lamp 's nachts brandende, zo ijverig. Bovenaan in het kunstwerk staan de mannen: zij prijzen haar in de poort. Dus wat ook heel belangrijk is, is de waardering die de vrouw krijgt voor alles waar ze zich voor inzet. Ik hoop dat als ze hier rondlopen in de tuin en naar dit beeld kijken dat ze daar dan nog even aan denken.”
Bij de oplevering van het nieuwe postkantoor en de vier bejaardenwoningen is dit beeld in 1988 aangeboden door de bij de renovaties betrokken bedrijven. Het voorlezen is een link naar het onderwijs in de vroegere Gemeenteschool.
Dit monument, dat op 4 mei 2009 onthuld werd, is een hoge bronzen sculptuur in de vorm van vlammen. In het vuur zijn de silhouetten van een groep mensen uitgespaard. Het stelt een toorts voor met een voetstuk en vuur. Op het voetstuk van de natuursteen diabas staan op een glasplaat met een gekartelde rand dertien namen van gevallenen vermeld. Twee van de gevallenen sneuvelden bij de Duitse invasie in de meidagen van 1940. Zeven kwamen om vanwege hun verzetsdaden. En vier mensen stierven als gevolg van de oorlog. Als tekst is te lezen: ‘Uit respect voor hen die vielen’. Huigen: “Het beeld staat als een toorts om de herinnering levend te houden aan hen, die weggenomen zijn door het oorlogsgeweld. Mensen zijn door het vuur gegaan en hebben de hoogste prijs moeten betalen. Het vuur van de oorlog heeft hen weggenomen. De leegte die achterbleef is blijvend”.
Kort na de bevrijding is op initiatief van een plaatselijk comité en met toestemming van de gemeente deze gedenksteen met gebeitelde tekst aangebracht. Dit monument is een plaquette van grijze natuursteen.
Na een serie kleine gipsen beeldjes hakte Van Pallandt in 1963 ‘Liggend naakt’ uit kalkzandsteen. Dit beeld staat in Aerdenhout. Hier ligt de exacte kopie, maar dan in brons. Model stond Truus Trompert. Ter verfraaiing van het nieuwe gemeentehuis kocht de vm. gemeente Den Ham dit beeld in 1970 via Dirk Hannema in Heino. Het werd neergevlijd achter het gemeentehuis. Het naar later bleek misgegoten beeld kon niet meer gerepareerd worden en werd in 1989 opnieuw gegoten. Het kreeg een plek voor het gemeentehuis. Toen het gemeentehuis in 2007 verkocht werd, kon het daar niet langer blijven en kwam het in 2010 hier op de ‘Eierhal’ aan de Brinkstraat.
Monument ter nagedachtenis aan de slachtoffers van het tragische busongeluk van het Hervormd Jeugdkoor.
De donkere basis draagt de tekst van het verlies. In het witte marmer verschijnt het verhaal: een zingend profiel, een muzieknoot, samen opgaand in een vlam. Uitgehouwen in het hart van de steen.
Op 11 juni 1955 zou het jeugdkoor van de Hervormde Kerk meedoen aan een concours in het Duitse Osnabrück. In de bus de chauffeur en 47 inzittenden: 4 volwassen begeleiders en 43 kinderen in de leeftijd van 13 tot 18 jaar. Toen bij het binnenrijden van Osnabrück een lekkende jerrycan benzine vlam vatte ging het mis. Binnen de kortste keren stond de bus in lichterlaaie. De volwassen begeleiders en de buschauffeur schoten samen met toegesnelde buurtbewoners te hulp. Ze sloegen de ramen kapot en kinderen werden uit de vlammen gered. Ze konden echter niet voorkomen dat circa de helft van de kinderen gewond raakte. Een aantal van hen liep gruwelijke brandwonden op. Twee kinderen kwamen om in de vuurzee en twee andere kinderen bezweken later aan hun verwondingen.
Dit monument is zonder meer een van de meest bijzondere opdrachten op de toch al indrukwekkende palmares van de kunstenares: "Als iemand die geboren en getogen is in Den Ham en dan dit kunstwerk mogen maken... Het is enorm eervol dat ik dit mag doen".
Dit beeld zit vol beweging, want van welke kant waait de wind? Nadat in 2006 dit beeld deel uitmaakte van de expositie ‘Buitenbeeld’ van de St. Expositiehuis Den Ham, werd het door de gemeente Twenterand aangekocht. Het in aluminiumbeton gegoten beeld stond eerst wat verderop aan de Brinkstraat. In 2013 werd het hier herplaatst.
Tijdens de officiële opening van de woonwijk Zuidmaten II onthulde wethouder Auke Koops van 't Jagt samen met enkele buurtbewoners op vrijdag 27 juni 2008 dit kunstwerk. De betrokken aannemers, ontwikkelaars en de gemeente Twenterand stelden gezamenlijk een bedrag beschikbaar voor de aanschaf van het kunstwerk. Het is voor het eerst dat een wijk in Twenterand op zo'n feestelijke wijze werd geopend
Vanwege een drastische verbouwing van het kantoor van de Vereniging voor Veehouderijbelangen Den Ham en Omstreken en de overname door het Overijssels Rundvee Syndicaat werd dit voor iedereen herkenbaar beeldend kunstwerk in 1988 geplaatst. Deze koe symboliseerde heel duidelijk de belangen van de vereniging. Gekozen werd voor deze koe, omdat de veehouderij door de eeuwen heen in de voormalige gemeente Den Ham en Omstreken een zeer belangrijke rol speelde in het economisch leven. De koe kreeg een plek voor het kantoorgebouw aan de Dorpsstraat 43 en vergrootte zo de herkenbaarheid van het ORS. Samen met de er tegenover gelegen Coöperatieve Aankoopvereniging Den Ham en de Coöperatieve Zuivelfabriek ‘De Eensgezindheid’ belichaamt dit kunstwerk een trits van landbouw- en veehouderijactiviteiten in het dorp Den Ham. Jan Kip uit Oldenzaal was met dit kunstwerk begonnen. Vanwege zijn plotselinge overlijden maakte Ruiter dit beeld af. Na beëindiging van het ORS in Den Ham werd in 1994 het beeld verplaatst naar hier.
In 2007 maakte Westerhuis speciaal voor deze rotonde dit herkenningsteken als landmark. Aanrijdend vanuit vier richtingen ziet men dit object, wat met zijn glanzend stalen kern de omgeving reflecteert
In het kader van de Beeldende Kunst Regeling, waarbij 1% van de bouwkosten besteed moest worden aan kunst, is dit beeld in 1981 aangekocht bij de nieuwbouw van sportzaal De Beukenhage.
Bij de herinrichting van de Brink in 1992 werd het bronzen beeld ‘Hej ’t al eheurd?’ geplaatst. Met dit passende beeld op deze plek drukt Huigen de sociale meelevendheid uit met het wel en wee van de dorpsgemeenschap, waar mensen nog niet anoniem aan elkaar voorbij leven. Twee boertjes nemen er uitgebreid de tijd voor om de laatste wetenswaardigheden uit te wisselen. Huigen: “In grote steden leven mensen anoniem, maar in een dorp als Den Ham kennen de mensen elkaar. Soms wordt daar wel eens negatief over gesproken. Ik vind dat die betrokkenheid op een positieve manier moet worden benaderd, want bij een nieuwtje zijn de mensen altijd vrij snel op de hoogte”. Huigen gebruikte voor dit beeld fictieve personages.
Charlotte Dorothée van Pallandt (Arnhem 1898 – Noordwijk 1997) bestreed haar eenzaamheid door te tekenen, trouwde met diplomaat graaf van Regteren Limpurg, verhuisde naar Zwitserland, scheidde en koos daarna voor zichzelf én het kunstenaarschap. In Parijs nam ze les in tekenen en beeldhouwen. In Nederland en Frankrijk experimenteerde ze met beeldhouwen. Haar carrière begon pas rond haar 50ste na haar Amsterdamse solotentoonstelling. Belangrijke inspiratiebron was het Amsterdamse naaktmodel Truus Trompert. Van haar maakte ze 15 jaar lang talloze tekeningen en sculpturen. Van Pallandt is de grondlegster en de 'Grande dame' van de Nederlandse beeldhouwkunst van de 20ste eeuw. Haar bekendste beeld is ‘Wilhelmina’. In 1978 riep ze de tweejaarlijkse Charlotte van Pallandtprijs uit als aanmoediging voor veelbelovende Nederlandse beeldhouwers onder de 35 jaar.
Janny Brugman – de Vries (Sneek 1918 – Groningen 2006) studeerde aan de Academie voor Beeldende Kunst en Kunstnijverheid in Arnhem. Docent Gijs Jacobs van den Hof leerde haar beeldhouwen. Op haar 20ste werd ze lid van het Sint Lucas-gilde in Amsterdam. Ze trouwde met de Almelose kunstschilder Berry Brugman. Ze maakte oorlogsmonumenten in o.a. Westerhaar. Daarnaast maakte ze vele beelden in brons en steen, plastieken en mozaïeken. Ze voelde zich sterk aangetrokken tot de toegepaste kunst in de architectuur en de vrije beeldhouwkunst.
Julia M. Thorn Leeson – Van Verschuer (Plasmolen 1926 -- Milsbeek 2016) liet zich inspireren door de natuurschoon op het landgoed van haar grootouders. De Tweede Wereldoorlog maakte een einde aan haar prille schilderscarrière en zij volgde een beeldhouwopleiding aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam. Daar leerde zij haar toekomstige echtgenoot kennen; de graficus en ontwerper Erik Thorn Leeson. Van Verschuer behoort tot de beste beeldhouwers van ons land. Naast beeldhouwwerken maakte zij grafisch werk, tekeningen, penningen en ontwerpen voor keramiek.
Titus Jules Gerard Leeser (Keulen 1903 – Zwolle 1996) kreeg zijn opleiding aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Daarna ging hij naar de Akademie der Bildende Künste in München. Hij werkte als docent tekenen en ontwierp boekomslagen voor verschillende uitgeverijen. Verder ontwierp hij aanplakbiljetten en reclamegrafiek. In 1950 ontving hij de Prijs van het Kunstenaarsverzet. Door hem ontworpen oorlogsmonumenten staan o.a. in Ommen en Markelo. Ook beitelde hij de tekst op de keisteen op het graf van Jordens nabij de Regge achter kasteel Eerde. Vanaf 1932 woonde en werkte Leeser ongeveer 35 jaar op landgoed Eerde tussen Den Ham en Ommen.
Frieda Waanders – Ardesch (Den Ham 1963) is een beeldhouwer en werkt vanuit haar atelier en galerie in Almelo. Sinds 2000 ontwikkelde zij haar vakmanschap in beeldende vormgeving en marmerbewerking, onder meer tijdens intensieve werkperiodes in Italië. Aan de beeldhouwacademie Campo dell’ Altissimo verdiepte zij zich in het werken met marmer, begeleid door gerenommeerde beeldhouwers als Peter Rozenzweig, Roland Steger en Raphaël Beil. De directe nabijheid van de marmergroeven van Carrara vormt nog altijd een belangrijke bron van inspiratie en verdieping in haar werkproces.
Roelien Eenkhoorn (Utrecht 1971) volgde een opleiding aan de ArtEZ Hogeschool voor de kunsten in Enschede –BA Fine Art, vakgroep gemengde media en rondde deze in 1998 met succes af. Zij werkt als beeldend kunstenaar aan diverse projecten en vaak in opdracht voor gemeente en bedrijven. Haar autonome werk bestaat veelal uit figuratieve ruimtelijke beelden. De thematiek speelt meestal rondom de menselijke emotie. Het werken met keramiek, gips en gietsteen of beton heeft haar voorkeur.
Kees Huigen (Lichtenvoorde 1952) is afgestudeerd aan de Kunstacademie Enschede in de richting ruimtelijke vormgeving. Naast zijn werk als kunstenaar werkt hij als docent beeldende vorming. In zijn werk probeert hij uitdrukking te geven aan zijn verwondering over ons bestaan. Hij maakt deze tastbaar en in zijn muziek hoorbaar. Hij werkt vaak in opdracht voor gemeenten, scholen, kerken, bedrijven en particulieren.
Antoinette Ruiter (Losser 1946) is opgeleid door de Oldenzaalse kunstenaar Jan Kip. Ze werkte 20 jaar met hem samen. Na zijn overlijden nam Ruiter zijn atelier over en vestigde zich als beeldhouwer. Het brons gieten leerde ze in de praktijk. Ruiter legt zich vooral toe op herkenbare beelden in brons, figuratief of meer gestileerd. Naast vrij werk, wat zij in haar galerie tentoonstelt, maakt zij ook veel in opdracht, waaronder meerdere standbeelden (Fanny Blankers-Koen bij stadion Hengelo, serie beelden bij Weemecentrum in Vriezenveen). Haar favoriete onderwerpen put zij uit de praktijk van het dagelijkse leven. Na het gieten in brons worden de sculpturen in diverse kleuren afgewerkt in haar atelier.
Ronald A. Westerhuis (Tiel 1972) is een Zwolse kunstenaar en de ontwerper van internationale landkunstbeeldhouwwerk projecten en tal van monumentale stalen sculptuur stukken voor zowel de openbare ruimte en particuliere collecties. Westerhuis is gefascineerd door roestvrij staal. De onverwoestbaarheid, de zware constructie en koude uitstraling van het materiaal lenen zich perfect voor zijn enorme sculpturen. Zijn kunstwerken hebben een hoog eeuwigheidsgehalte en zijn ware landmarks, ‘the sky is the limit’. Zijn credo: ‘Een groot sculptuur gaat door waar de natuur ophoudt’. Dit monumentale kunstwerk vormt een harmonieuze overgang tussen natuur en cultuur. Hij gelooft in de impact van een groot beeld. Zijn monumentale beelden worden wel getypeerd als strak, maar ook als ‘kwetsbaar met een hoog aaibaarheidsgehalte’.