Arbeiderswoning met bedstee

Verandering is goed, geen verandering is beter. Dat moeten zeker Jantie en Gait Marsman aan de Tonnendijk 66 in Vroomshoop gedacht hebben bij het bewonen van hun arbeiderswoning. Beiden kwamen er met hun twee kinderen wonen toen ze al enkele jaren getrouwd waren. Tot haar dood in december 1998 woonde Jantie er graag. Ze wou er niet weg. Ze was tevreden met haar huis.




Meerdere malen timmerde de voormalige gemeente Den Ham het bordje met ‘onbewoonbaar verklaarbare woning’ op de muur, maar Jantie haalde het er even snel weer af. Zij woonde er tot haar overlijden in december 1998 naar alle tevredenheid. Timmeren deed Jantie maar wat graag. Zo vertimmerde de creatieve bewoonster bedstee en kast tot breikamer en bracht zij zelfs meerdere dakramen aan. Eigenlijk bestaat het huis uit slechts twee vertrekken: een kamer met bedstee en een keuken.

De woning was allesbehalve comfortabel. Buiten stond een houten toilet. Ook was er geen douche. Buurman Gerrit Hankamp legde in 1978 toiletvoorzieningen aan in zijn schuur nabij de woning.

Van een gasaansluiting wilde Jantie niet weten. Een houtkachel en later een oliekachel zorgden voor de verwarming. Deze waren lastig in te stellen, waardoor het nog wel ’s gebeurde dat de buitendeur in de winter wijd openstond. Anders werd het te warm binnen.

Gekookt werd op een gasstel met gas uit bussen.

Het pannendak voorkwam ’s winters niet dat er sneeuw binnenkwam. Daarom lag (ligt) er op zolder vloerbedekking.

Deze arbeiderswoning hoorde bij de boerderij van buurman Tepper, maar is nu eigendom van de gebr. Nijboer. In de directe omgeving stonden meer van deze woningen. Sommige zelfs geheel identiek.

De woning is niet groot. Toentertijd werden de kinderen overdag in de bedstee gelegd en ’s nachts in de kinderwagen.


Voordat de fam. Marsman erin kwam wonen, verschafte de toch al kleine woning ooit ook onderdak aan een geit in een stal direct naast de keuken.

Het huis moet zo rond 1900 gebouwd zijn. De muren staan niet op een fundering, maar zijn ongeveer 20 cm de grond in gemetseld. De vloer ligt op het zand. Oorspronkelijk zat er een wolfskap op dit huis, maar die verdween toen er nieuwe pannen werden gelegd.

Van 1900 tot 1910 werd het huis achtereenvolgens bewoond door Hermannus Mulder, Hendrik Petter, Laurens van ’t Oever, Bastiaan Hendrik Labrijn en Filippus Tepper, Tiemen Postma, Willem Visser en J.B. Bekmann.

Vanaf 1948 door H.J. Pekkeriet, W. Pekkeriet en M. Compagnie.

Vorig jaar bezochten zo’n 150 mensen ’t oale huussie, dat speciaal voor het 150-jarig bestaan van Vroomshoop extra fraai was ingericht met door buurvrouw Jannie Hankamp verzameld huisraad (zie foto). Onder de bezoekers ook Jantie’s kleinkinderen. Zij snoven de indringende geur van de woning op: "Het ruikt precies naar opoe.” Jannie Hankamp verontschuldigt zich ook tegenover mij als ik de woning binnenga. Luchtverfrissers helpen niet.

De vele bezoekers complimenteerden Jannie en Gerrit Hankamp in het gastenboek dat tijdens de bezichtiging vorig jaar op tafel lag: "Mooie verzameling, goed bewaren” en "Geweldig mooi om te zien hoe ze vroeger hebben geleefd en gewoond.”


De oude bedsteedeuren zitten er nog in.

Jannie en Gerrit laten de woning maar zoals het is: "Je kunt er toch niets mee.”

De woning is tegenwoordig amper te zien vanaf de Europasingel. Zeker ’s zomers als het helemaal prachtig is overgroeid door een blauwe regen.

© Jan van der Kolk

Dit artikel is ook te lezen in kwartaalblad 't Middendorpshuis, een uitgave van de Oudheidkundige Vereniging Den Ham - Vroomshoop, 2010/4.